The Beverlo song

The Beverlo song is a Belgian protest song that was written in the aftermath of the First World War, when a revolutionary mood prevailed in Europe. The song describes the fate of the soldiers who in 1914 suddenly had to leave the Camp of Beverlo to fight the German invaders. The many wounded became oblivious after the war and had to make ends meet with a meager allowance. The Beverlo song uses this fact as a fierce indictment of capitalism, in this case “the patrons”, who were too greedy to give another cent to those who had fought for their money.

The committed formation theater group ‘Internationale Nieuwe Scène’ adapted the song for a version of Dario Fo’s Mistero Buffo that was performed from 1972 onwards. This song was sung by Wannes Van de Velde.

The lyrics of the song are as follows:

In Dutch:

Er zijn soldaten uit Beverlo vertrokken.
Ze zijn als beesten naar ‘t front gedreven.
Ze zijn als beesten naar ‘t front gedreven,
naar ‘t schaamteloos kerkhof van onze jeugd.

‘t Was in de winter, het ijs lag op de vlakte.
Mijn beide voeten zijn er bevroren.
Mijn beide voeten zijn er bevroren,
ik werd vervoerd naar een hospitaal.

Laat ons feesten, om ter meesten, dierelomleine, dierelomla.

Mijn beide voeten heeft men mij afgenomen.
Twee houten krukken heb ‘k gekregen.
Twee houten krukken heb ‘k gekregen,
en ‘k werd naar het ouderhuis gestuurd.

Laat ons feesten…

Men heeft mij ook nog een staatspensioen gegeven,
van een paar centen, te weinig om te leven.
Zo word ik nu naar de bedelstaf gedreven
om niet te kreperen van hongersnood.

Laat ons feesten…

Ik heb door tal van landen gezworven,
en af en toe wat medelij verworven,
maar de patroons voor wier geld ik heb gevochten
gaven me geen cent toen ik er om vroeg.
Maar de patroons voor wier geld ik heb gevochten
gaven me geen cent toen ik er om vroeg.

Laat ons feesten…

Translation:

Soldiers out of Beverlo have left.
They have been driven to the front like animals.
They have been driven to the front like animals,
to the shameless graveyard of our youth.

It was in the winter, the ice was on the plain.
My both feet got frozen.
My both feet got frozen,
I was transported to a hospital.

Let us party, as much as possible, ‘dierelomleine, dierelomla’.

My two feet have been taken away from me.
Two wooden stools I have been given.
Two wooden stools I have been given
and I was sent to the parents house.

Let us party…

I have also been given a state pension,
of a few cents, too little to live.
This is how I am now driven to the begging staff
not to starve of famine

Let us party…

I have wandered through many countries,
and occasionally acquired some pity,
but the patrons for whose money I have fought
did not give a cent when I asked for it.
But the patrons for whose money I have fought
did not give a cent when I asked for it

Let us party…

 

Dit artikel is ook beschikbaar in het Nederlands